
De Eider
25 augustus
We dachten in de buurt van Tönning een mooie plek te hebben gevonden, maar het bleek een modderige plek tussen de bomen te zijn, pal voor de voordeur van de zijingang van een – op het plaatje mooi ogend – groot landhuis met een breed gazon. Op dat mooie gazon mochten we niet staan. Daarom zijn we haastig weer vertrokken.
Bij de Eider, de rivier die we jaren geleden met vrienden stroomafwaarts bevoeren, vonden we een gratis camperplek, vlak bij het dorpje Lunden. Het stond er vol, maar achter bij het hek was nog plek. Via een pad liepen we zo naar de vervallen steiger, die vroeger diende als platform voor badgasten of zwemfanaten. Dit deel van de Eider is getijdewater, en het verschil tussen eb en vloed bedraagt zo’n twee tot drie meter. Destijds lagen we met ons zeilschip in de haven van Tönning bij eb vrijwel droog, vast in de modder. De naastliggende dijk was het domein van koeien, jonge stiertjes en jonge dames, die nog nauwelijks interesse in elkaar toonden.
26 augustus
Vandaar reden we naar Seebüll, waar we het museum van Emil Nolde bezochten. Vijftien jaar geleden waren we er ook al. Het complex is behoorlijk gemoderniseerd. De tuin bij het oude woonhuis is een bloemenfestijn.






Het is opmerkelijk dat in de film over deze schilder zijn naziverleden niet meer ondergeschoffeld wordt, zoals dat vroeger gebeurde. Dat roept de discussie op of je een kunstenaar die prachtig werk maakte, maar fout was in de oorlog, wel een podium mag geven in de vorm van een museum. Zelf heeft hij nooit toegegeven dat hij fout zat met zijn antisemitische gedachtegoed. Toen Hitler zijn werk tot ‘entarte Kunst’ liet verklaren, nam hij alsnog geen afstand van het nazisme. Zijn aquarellen zijn prachtig: het kleurgebruik is verfrissend en modern.






Na de middag reden we naar Rudbøl, een plaatsje net over de grens in Denemarken. Het landschap imponeert door leegte, weinig bomen en kleuren van geel tot oker en bruin. De Waddenzee ligt op loopafstand van het museum. De camping oogde verwaarloosd, en de prijs voor een overnachting was veel te hoog. Toch gaf de optie voor een lange warme douche, om je haar en onderbroeken te wassen, de doorslag. We hadden weinig zin om nog naar iets anders te zoeken.
27 augustus
Ribe
Volgens de gidsen moesten we Ribe bezoeken: een oude stad die via een riviertje verbonden is met de Waddenzee en ooit een belangrijke haven was. Aardig, maar veel te toeristisch naar mijn smaak. De romaanse kerk met muurschilderingen en gebrandschilderde ramen van Carl-Henning Pedersen – die behoorde tot de Cobra-groep, net als Appel, Corneille, Constant en Asger Jorn – was het bezoek meer dan waard.






28 augustus
Vlak na de middag parkeerde een camper vlak naast ons met drie gillende kinderen. De jongste was het niet eens met zijn ouders en deed er luid krijsend een schepje bovenop. Voor ons een reden om toch maar eerder weg te gaan, en dat deden we.
Aangekomen in Herning had ik bijna 112 gebeld, omdat er naast de parkeerplaats in de buurt van het museum dat we wilden bezoeken een UFO was geland. Het bleek een kunstwerk te zijn met een naam: Elia.

Voor de trap van dit buitenaards ogende ronde zwarte geval staat een kar met het opschrift Nordic Sub, een duikbedrijf. Wat moet een duiker in deze merkwaardige halve zwarte bol met vier schoorstenen? Zit er misschien water in? Het ontgaat me wat de kunstenaar met dit zwarte object bedoelt. Ik mis een bordje ernaast. Wikipedia beschrijft het kunstwerk als een symbool voor de verbinding tussen hemel en aarde. Imposant, dat wel. Je gaat erover nadenken wat erin zit als het geen water is.
Naast het grote parkeerterrein waar we staan, ligt aan de andere kant van de weg een dependance van de universiteit van Aarhus. Het museum van Carl-Henning Pedersen en zijn vrouw Else Alfelt, en het Heart Herning Museum of Contemporary Art liggen ernaast en tegenover. De campus is groot. De verschillende disciplines zitten in los van elkaar staande witte gebouwen, allemaal in dezelfde stijl. Je krijgt de indruk van een witte stad. Iets oostelijker vinden we een groot rond veld met tientallen beelden van verschillende kunstenaars. In de miezerige regen hebben we er maar een paar van goed bekeken.
Het te verwachten onweer en de bakken met regen moeten nog komen of zijn langs ons heen geglipt. Slechts twee campers wagen het om hier de nacht door te brengen, waarvan wij er één zijn.
29 augustus
De schilderijen van Carl-Henning Pedersen ogen consequent als visioenen van een getormenteerde mens, met grote energie geschilderd in woeste kleuren. Daarentegen zijn de schilderijen van zijn vrouw Else Alfelt meer geïnspireerd door de natuur en geometrisch gerangschikte patronen. Gefascineerd, maar ook wat geschokt, verlieten we het museum van deze twee veelmakers op het doek.






In het landhuis in zuid Frankrijk dat het echtpaar van Karel Appel had gekocht om er een aantal jaren te werken, werd 40 jaar later een schat aan zo’n 1000 werken op zolder gevonden, opgerold in papier, deels aangetast door lekkage van het dak.
Het museum aan de overkant, het Heart Herning Museum of Contemporary Art, is op zichzelf al een architectonisch boeiend gebouw. De expositie was een mengeling van werk van meerdere kunstenaars, meest van conceptuele aard. Je moet ervan houden; ik kom niet verder dan een glimlach of verwondering over het idee.

Hoi R&N, leuk verhaal, bekend terrein. Zijn jullie ook nog op Rømø geweest? Daar kan je met de auto op het strand rijden, zelfs tot aan de vloedlijn. Misschien gaan jullie ook nog naar Århus, leuke stad, mooi museum. Groetjes van de Aatjesinschoorl